Sinds 1 januari 2008 is het verplicht bij bouw, verkoop of verhuur van woningen en utiliteitsgebouwen een energielabel te overleggen.

energielabel 

 

 

 

Wat is het energielabel? 

Het energieverbruik van een gebouw wordt berekend en uitgedrukt via de energie-index (EI).
De energie-index is gebaseerd op de hoeveelheid energie die nodig is voor: 

  • ruimteverwarming

  • koeling

  • bevochtiging

  • hulpenergie (voor pompen en ventilatoren)

  • tapwaterverwarming

  • verlichting

Bij kantoorgebouwen neemt verlichting het grootste deel van het energieverbruik voor haar rekening. Aanpassing van de verlichting maakt snel een hogere waardering van het energielabel mogelijk.

 Verzoek uw EPA adviseur rekening te houden met een energiebesparing op TL verlichting die kan oplopen tot 81%.

De energiebesparing die door de T8 naar T5 adapter gerealiseerd kan worden helpt om snel een hogere waardering van het energielabel mogelijk te maken.

Het energielabel is door de overheid bedacht om te komen tot energiebesparing te komen. 

Met het zichtbaar maken van de energetische kwaliteit van een gebouw kunnen kopers of huurders het energiegebruik meenemen in hun afweging om een gebouw wel of niet te kopen of te huren.

Aan de hand van de berekende energie-index wordt gekeken binnen welke energieklasse het gebouw valt. De verschillende energieklassen worden zichtbaar gemaakt met de letters A t/m G en via kleuren, vergelijkbaar met de gebruikte kleuren van de energieklassen voor huishoudelijke apparaten. Zeer energiezuinige gebouwen hebben een heldergroen A-label, zeer energieverslindende gebouwen hebben een felrood G-label.

T8 T5 evsa

 

Hieronder teksten van Senternovem over het energie label. Bron en meer informatie van Senternovem

 

Energielabel 

Sinds 1 januari 2008 moet bij bouw, verkoop en verhuur van een gebouw op het moment van transactie een energielabel (energieprestatie-certificaat) aanwezig zijn. Het energielabel is gebouw-gebonden en geeft, op basis van een berekening, informatie over de hoeveelheid energie die bij gestandaardiseerd gebruik van dat gebouw nodig is. Het betreft gebouw-gebonden energiegebruik voor verwarming, warmwatervoorziening, verlichting, ventilatie en koeling. Het energielabel is maximaal tien jaar geldig.

In één oogopslag is te zien hoe energiezuinig een gebouw is.

  • De energieprestatie van het gebouw wordt weergegeven in een energie-index en in een gestandaardiseerde energieklasse (A t/m G en kleuren). Zeer energiezuinige gebouwen hebben een A en zijn heldergroen, de minst zuinige panden hebben een G en zijn felrood. Dit is te vergelijken met de energielabels die bij bijvoorbeeld witgoed, zoals bij een koelkast e.d. worden gehanteerd.

  • Daarnaast geeft het energielabel bij bestaande bouw een lijstje met mogelijke maatregelen die de energieprestatie van het gebouw kunnen verbeteren.

  • Het energielabel is 10 jaar geldig.

Wanneer verplicht?

Sinds 1 januari 2008 moet de gebouw eigenaar een energielabel (energieprestatie-certificaat) hebben (bij bouw) dan wel verstrekken aan huurder bij verhuur of aan koper bij verkoop. Bij verkoop zal de notaris controleren of er een geldig certificaat aanwezig is.

In welke gevallen is een energielabel verplicht? 

  1. Bij de bouw van een gebouw heeft de eigenaar een energielabel voor dat gebouw (dit betreft dus nog te bouwen gebouwen). Hetzelfde geldt voor de renovatie van gebouwen groter dan 1000m2.

  2. Bij de verhuur van een gebouw verstrekt de eigenaar een afschrift van een energielabel voor dat gebouw aan de huurder.

  3. Bij de verkoop van een gebouw verstrekt de eigenaar een afschrift van een energielabel voor dat gebouw aan de koper. Dit laatste geldt ook bij de verkoop van een deelnemings- of lidmaatschapsrecht dat recht geeft op het gebruik van een gebouw.

De gebouweigenaar hoeft niet in alle gevallen een energielabel te laten opstellen. Hij kan namelijk volstaan met de berekening van de energieprestatie-coëfficiënt (EPC) die is gemaakt voor de bouwaanvraag. De berekening mag maximaal tien jaar oud zijn. Uit deze berekening moet blijken dat is voldaan aan de verplichtingen uit de geldende regelgeving. 

Het energielabel is vereist bij de bouw (renovatie), verhuur en verkoop van vrijwel alle particuliere en overheidsgebouwen, woningen en winkels 

Hoe verkrijgt men het energielabel?

Het verkrijgen van het energielabel is afhankelijk van de situatie.

Energie label nieuwe gebouwen·

Alle nieuwe gebouwen dienen te voldoen aan de minimum prestatie-eisen van het Bouwbesluit 2003 voor onder meer energiezuinigheid, uitgedrukt als energieprestatiecoëfficiënt (EPC).
Bij bouw van een gebouw kan in plaats van een energielabel worden volstaan met het overleggen van de bij de aanvraag om bouwvergunning gevolgde (EPC-) berekening of een gewaarmerkt afschrift daarvan, daar uit blijkt dat aan de verplichtingen uit het Bouwbesluit 2003 is voldaan. 

Bestaande gebouwen en het energielabel 

Via de EPA (Energie Prestatie Advies) adviseur

Energielabelling van een bestaand gebouw kan alleen gebeuren door een gecertificeerde adviseur. Dat is een persoon/bedrijf met een geldig NL/EPBD procescertificaat dat voldoet aan een door de Raad voor de Accreditatie vastgestelde Nationale Beoordelingrichtlijn (BRL 9500, delen 1 en 3). De adviseur zal, op basis van de in de BRL voorgeschreven beoordelingssystematiek en de daaraan gekoppelde rekenmethodiek, het energielabel voor een gebouw opstellen en verstrekken aan de eigenaar. 

Via energieprestatiecoëfficiënt (EPC)
De gebouweigenaar hoeft niet in alle gevallen een energielabel te laten opstellen. Hij kan namelijk volstaan met de berekening van de energieprestatiecoëfficiënt (EPC) die is gemaakt voor de bouwaanvraag. De berekening mag maximaal tien jaar oud zijn. Bij het ingaan van de labelverplichting op 1 januari 2008, kan de eigenaar dus ook voor bestaande gebouwen met een bouwvergunning vanaf 1 januari 1998 volstaan met de EPC-berekening. Meer informatie over EPC en het Bouwbesluit. Uit deze berekening moet blijken dat is voldaan aan de verplichtingen uit de dan geldende regelgeving (Bouwbesluit 2003 dan wel Bouwbesluit).

De minimum-eisen voor de energieprestatie gelden niet alleen voor nieuwe gebouwen, maar ook voor bestaande gebouwen met een totaal bruikbaar vloeroppervlak van meer dan 1.000 m², die een ingrijpende renovatie ondergaan. De verstrekking zal dan ook in het verlengde plaatsvinden van het verlenen van een bouwvergunning voor de renovatie door desbetreffende gemeente.

Voordelen energielabel

Het energielabel geeft in één oogopslag een helder overzicht van de huidige energieprestatie van een pand en van de te verwachten gebouwgebonden energielasten. Dat levert de volgende voordelen op:

Algemeen

  • Gebouwen met een 'beter' label zullen bij verkoop of verhuur aantrekkelijker zijn. Zeker bij hoge energieprijzen zal de energieprestatie van een gebouw een rol spelen bij de beslissing tot koop of huur

  • Door energiebesparende maatregelen voor het gebouw te treffen kan de eigenaar bij een nieuwe opname wellicht ook een 'beter' label krijgen. Dat maakt het gebouw aantrekkelijker op de markt.

 Utiliteitsgebouwen

  • Het label maakt onderlinge vergelijking van gebouwen mogelijk en geeft inzicht in de energetische kwaliteit.

  • Verlaging van energiekosten. Wanneer energiebesparende maatregelen worden uitgevoerd, daalt het energiegebruik en dalen de energiekosten.

Uitstel energielabel voor de woningbouw 

  • Met het label kunt u de huidige en potentiële energieprestatie van (uw) woningen en/of woonblokken vergelijken met andere woningen en woonblokken van hetzelfde type.

  • Verlaging van energiekosten. Wanneer energiebesparende maatregelen worden uitgevoerd, daalt het energiegebruik en dalen de energiekosten.

  • Voor huurwoningen zal naar verwachting per 1 januari 2009 de energie-index op het energielabel worden gebruikt in het woningwaarderingsstelsel als basis voor de waardering van de energetische kwaliteit van de woning.

 Een zichtbaar energielabel in openbare gebouwen

 

In gebouwen vanaf 1.000 m² waarin overheidsdiensten of -instellingen diensten aan het publiek verlenen moet het energielabel sinds 1 januari 2009 permanent op een opvallende plaats worden aangebracht. Het energielabel moet zo worden opgehangen of neergezet, dat het in een algemene ruimte van het gebouw zonder moeite goed zichtbaar is. Dat kan bijvoorbeeld door het op te hangen bij of naast de receptie of de uitgang.